Zelfcontrole

 

Glucose is een soort suiker in het bloed. Bloedsuiker (glucose) testen of controleren is een zeer belangrijk element in de behandeling van uw diabetes. Een bloedsuikertest vertelt u hoeveel suiker er aanwezig is in uw bloed op gelijk welk tijdstip. Verschillende aspecten kunnen de bloedsuikerspiegel beïnvloeden. Het regelmatig testen helpt u uw diabetes onder controle te krijgen en te zien indien uw maaltijdplan, medicatie en beweging hun positief effect hebben.


Wat en wanneer

Wie moet het bloedsuiker testen?
Iedereen met diabetes dient zijn bloedsuiker of glucose testen. Diabetes verandert de manier waarop uw lichaam omgaat met glucose. Zelftesten helpen u om uw glucose onder controle te krijgen.

Hoe kunnen glucose zelftesten mij helpen?
U en uw zorgteam hebben samen een plan opgemaakt om u te helpen controle te krijgen over uw bloedglucose. Eén van de beste manieren om zeker te zijn dat uw plan werkt is uiteraard regelmatig zelf uw bloedglucose te testen. Onderzoek toonde aan dat een goede controle van de glucose het risico vermindert op oogziekten, nierziekten en zenuwbeschadiging, die allemaal kunnen veroorzaakt worden door diabetes. Zelftesten laat u en uw diabetes zorgteam zien hoe uw lichaam reageert op dagelijkse activiteiten. Door het testen kan u antwoorden op volgende vragen: " Wat gebeurt er met mijn glucose als ik gestresseerd ben of wanneer ik ziek ben?". Zelftesten en zelfzorg kan u helpen beslissen hoe u uw diabetes kan beheren en hoe u beter voor u zelf kan zorgen.

Hoe vaak moet ik mijn glucose testen?
Hoe meer u test, hoe beter en meer u zult weten over uw bloedglucose. Verschillende zaken beïnvloeden uw glucose iedere dag, zoals eten, beweging, medicatie, ziekte en stress. Het is dus belangrijk om uw glucose te testen op verschillende tijdstippen tijdens de dag. Onderzoek toont aan dat dagelijks tot 4 keer of meer testen, een goede manier is om controle te krijgen over uw glucose. Goede controle van uw glucose zal u helpen het risico te verlagen op toekomstige problemen met diabetes. Zelftesten geeft u informatie die u nodig heeft om schommelingen (teveel hoge en/of lage waarden) in uw glucose te vermijden. Uw zorgteam zal u helpen te beslissen hoe vaak u dient te testen.

Wanneer dien ik mijn glucose te controleren?
Uw zorgteam zal u eveneens helpen te beslissen wanneer u dient te testen. Testen op verschillende tijdstippen is een zeer goed idee; hier volgen enkele nuttige tijdstippen waaruit u kunt kiezen:

  • Voor het ontbijt. Men noemt dit ook nuchtere glycemie, wat zoveel betekent als uw glucosewaarde op het moment dat u minimaal 8 u geen voedsel hebt opgenomen.
  • 1-2 u na het ontbijt. Dit noemt men vaak de postprandiale glucose. 
  • Voor lunch. 
  • 1-2 u na de lunch. 
  • Voor het diner of avondmaal. 
  • 1-2 u na het avondmaal. 
  • Voor het slapengaan. 
  • Om 2:00 u of 3:00 u ‘s nachts, indien u insuline dient te nemen.

Het is zeker een goed idee om extra te testen indien:

  • Er veranderingen zijn in uw behandelingsplan.
  • U nieuwe medicatie voor uw diabetes dient te nemen. 
  • U denkt of voelt dat uw glucose laag of hoog staat. 
  • U ziek bent.

>Terug


Glucosewaarden begrijpen en bijhouden

Hoe kan ik mijn glucosewaarden begrijpen op die verschillende tijdstippen?
Glucosespiegels 1 tot 2u na een maaltijd noemt men postprandiale waarden. Onderzoek toont aan dat glucosespiegels kunnen verdubbelen na het eten, zelfs wanneer uw glucosewaarde voor de maaltijd nog normaal bleek te zijn. Het is zeker aan te raden om uw "fasting" en uw "postprandiale" waarden te bespreken met uw zorgteam.

Moet ik steeds de waarden bijhouden?
Ja, hou een dagboek bij waarin u neerschrijft wanneer (datum, tijdstip) u testte, welke waarden dat zijn en zeker of die waarden voor of na de maaltijd werden genomen? Bij het aanschaffen van een glucometer ontvangt u tevens een dagboekje, u kunt ook via verschillende kanalen dergelijke dagboeken verkrijgen.

>Terug

 

Zelfcontrole optimaliseren

Wat kan ik doen om het zelftesten te verbeteren?
Volg de instructies op die steeds bij uw meter worden meegeleverd. Bespreek met uw zorgteam op welke manier u met uw meter het best kunt testen. Volgende tips zullen u zeker helpen om correcte resultaten te halen.

  • Hou uw meter netjes.
  • Hou uw testmateriaal op kamertemperatuur. 
  • Controleer de eventuele vervaldatum van uw testmateriaal. 
  • Was uw handen met zeep en warm water. 
  • Droog uw handen zeer goed af . 
  • Hou uw hand naar beneden zodat uw bloed gemakkelijk naar uw vingertoppen stroomt. 
  • Prik op de zijkant van uw vinger met uw vingerprikker en een nieuwe naald (lancet). 
  • Vooraleer uw teststrip te vullen met bloed zorgt u ervoor dat de bloeddruppel voldoende groot is. 
  • Noteer uw resultaten.

Wat moet ik doen als mijn glucosewaarde te hoog is?

  • Tracht de reden te vinden waarom de waarde te hoog is en/of contacteer uw arts of diabeteseducator.
  • Drink meer water en suikervrije dranken. (Vermijd drank met suiker, ook fruitsappen). Volg uw aanbevolen maaltijdplan, indien u dat niet heeft contacteer dan uw diëtist(e). 
  • Neem uw medicatie in zoals voorgeschreven door uw arts. Indien uw glucosewaarde nog te hoog blijft neem dan contact op met uw arts of diabeteseducator. 
  • Test uw glucosewaarde vaker (om de 3 tot 4u). 
  • Indien uw glucose onder de 285 mg/dl is en u voelt zich goed, verhoog dan de fysieke inspanningen (maak een wandeling). Vraag uw arts steeds zijn akkoord voor u een nieuwe bewegingsroutine start.

Wat moet ik doen als mijn glucosewaarde te laag is?

  • Eet en drink snelwerkende suikers zoals:

- 3 dextrose tabletten
- 4 harde snoepen
- 1/2 tas fruitsap of gewone softdranken (cola, limonade, etc.)

  • Wacht 10 tot 15 minuten, controleer vervolgens opnieuw uw glucose. Indien uw glucose nog steeds lager is dan 75 mg/dl, herhaal dan stap 1 en controleer nogmaals uw glucose.

Hoe meer u test, hoe meer u zult weten over bloedglucosebeheer. Vraag uw arts of diabeteseducator wat uw glucosewaarden dienen te zijn.

>Terug

 

© Copyright 2009 Bayer SA-NV, HealthCare, Diabetes Care